Nieuwe laptops die op de Europese markt worden gebracht beschikken moeten sinds deze week beschikken over een USB-C aansluiting voor opladen.
Daarmee valt de productcategorie nu ook onder de Europese regels voor een uniforme laadstandaard. Dit was al eerder ingevoerd voor onder meer smartphones, tablets en andere draagbare elektronica. De maatregel vloeit voort uit een aanpassing van de Europese richtlijn voor radioapparatuur en heeft als doel het verminderen van elektronisch afval en het vergroten van gebruiksgemak voor consumenten. Fabrikanten zijn verplicht om hun apparaten uit te rusten met een USB-C poort en moeten duidelijk aangeven welke laadvermogens worden ondersteund. Ook moeten zij transparant zijn over de vraag of een oplader wordt meegeleverd.
De regels stimuleren daarnaast de ontkoppeling van apparaten en opladers bij verkoop. Consumenten kunnen hierdoor kiezen om geen nieuwe oplader aan te schaffen als zij al een compatibel exemplaar bezitten. Dit moet bijdragen aan een daling van het aantal ongebruikte laders en daarmee aan minder verspilling van grondstoffen. Voor laptops geldt een langere overgangsperiode dan voor kleinere apparaten, vanwege de hogere energiebehoefte en technische complexiteit. De invoering houdt rekening met snellaadtechnologieën zoals USB Power Delivery, zodat prestaties niet afhankelijk worden van merkspecifieke oplossingen.
Gevolgen voor inkoopbeleid
De nieuwe verplichting geldt uitsluitend voor producten die na de ingangsdatum op de markt komen. Bestaande laptops blijven gewoon bruikbaar en hoeven niet te worden aangepast. De impact zal daarom geleidelijk zichtbaar worden naarmate oudere apparaten worden vervangen. Voor organisaties kan de wijziging gevolgen hebben voor inkoopbeleid. Bedrijven en instellingen die laptops in grotere aantallen aanschaffen, kunnen mogelijk besparen op accessoires door bestaande laders te hergebruiken. Dit kan ook leiden tot minder overtollige apparatuur binnen IT omgevingen.
De Europese aanpak heeft doorgaans ook invloed buiten de regio. Fabrikanten kiezen er vaak voor om hun productlijnen wereldwijd aan te passen aan Europese eisen om verschillende varianten te vermijden. Daarmee moet de maatregel indirect bijdragen aan de bredere standaardisatie in de markt.






