De Reparatiecoalitie en het Leiden-Delft-Erasmus Centre for Sustainability kijken terug op de eerste editie van het Reparatie Lab, en vraagt nu om feedback.

Tijdens het ReparatieLab ontwikkelden studenten onder meer een platform met reparatiescenario’s voor vier productcategorieën. Tien masterstudenten van de universiteiten Leiden, Delft en Erasmus werkten aan praktijkvragen van kennispartners of aan eigen onderzoek dat daarbij aansloot.
Naast hun scriptie volgden zij een programma met lezingen, werkbezoeken en workshops over onder meer design, logistiek, businessmodellen, consumentengedrag, wetgeving en het recht op reparatie. Naast de universiteiten zijn onder meer QC Centre en Fixpart kennispartner van het event.
Onderzoeksresultaten
Tijdens de slotbijeenkomst presenteerden studenten hun onderzoeksresultaten. Daarnaast deelden verschillende organisaties hun ervaringen met circulaire dienstverlening en reparatie. Ook kwamen de resultaten van de ReparatieFabriek aan bod. Verder besteedde het even aandacht aan het Manifest Toegankelijke Reparatie van Elektronica voor Iedereen en de invoering van de Europese Right to Repair-regelgeving. De initiatiefnemers bereiden inmiddels een vervolg voor. In 2027 start het Reparatie Lab 2.0. De provincie Zuid-Holland treedt daarbij op als caseholder, samen met de Reparatiecoalitie en het Leiden-Delft-Erasmus Centre for Sustainability. De centrale vraag luidt hoe de overgang van een wegwerpeconomie naar een reparatiesamenleving kan worden versneld.
Organisaties kunnen tot 17 augustus 2026 praktijkvragen indienen voor het nieuwe Lab. Bedrijven, gemeenten, maatschappelijke organisaties, onderwijsinstellingen en andere partijen kunnen vraagstukken aandragen over onder meer reparatie, circulaire businessmodellen, productontwerp, wetgeving, arbeidsmarkt, educatie en gedragsverandering. Na de selectie van de opdrachten worden deze gekoppeld aan een groep van twaalf tot vijftien masterstudenten. De studenten werken tussen eind 2026 en juli 2027 aan de praktijkvragen. Daarnaast nemen zij deel aan circulaire safari’s, workshops en bijeenkomsten met professionals. De resultaten worden aan het einde van het programma gepresenteerd.



